Korte behandeling met CD3-antistof onderdrukt ziekteproces bij type 1 diabetes

do 21 januari 2010

Wetenschappers van het JDRF Center for Beta Cell Therapy in Diabetes met centrale eenheid aan de Vrije Universiteit Brussel hebben een nieuwe behandeling ontdekt om recent ontdekte type 1-diabetespatiënten te behandelen en op termijn de aandoening bij kinderen mogelijk te helpen voorkomen.

Diabetes is een veel voorkomende chronische ziekte, die niet alleen de levenskwaliteit reduceert en het risico op ernstige complicaties vergroot, maar naar schatting ook nog eens 15 procent opeist uit het jaarlijkse overheidsbudget voor gezondheid. Wanneer de diagnose wordt gesteld voor de leeftijd van veertig jaar, gaat het in de meeste gevallen om type 1-diabetes, veroorzaakt door een massaal verlies van insulineproducerende bètacellen door een inflammatoir en auto-immuun proces. In een vroeg stadium moet de vernietiging van deze betacellen worden afgeremd en dienen de verloren cellen vervangen te worden, bij voorkeur door regeneratie in de pancreas. Indien de aandoening pas in een later stadium wordt vastgesteld, is betaceltransplantatie de beste behandeling.

Wetenschappers van het JDRF Center aan de Vrije Universiteit Brussel hebben nu echter ontdekt dat een korte behandeling met een CD3-antistof de ziekte in een vroeg stadium doeltreffend kan behandelen. Vooral bij de jongere patiënten bleek het middel voor een betere glucosecontrole te zorgen en een lagere insulinebehoefte.

De onderzoekers volgden hiervoor vier jaar lang een groep type 1-diabetespatiënten (12 tot 39 jaar), die kort na hun diagnose gedurende zes dagen een antistof (ChAglyCD3) kregen toegediend. Na achttien maanden bleek al dat de behandeling met het CD3-antilichaam de verdere vernietiging van insulineproducerende betacellen tegenging, en dus ook verder verlies van de eigen insulineproductie. Nu blijkt echter dat het beschermende effect vier jaar kan aanhouden, vooral bij de jongere patiënten (jonger dan 26). Deze subgroep moest niet alleen minder insuline spuiten, maar behield ook een betere glucosecontrole dan leeftijdsgenoten behandeld met een niet-actieve controlestof.

De vaststelling dat het CD3-antilichaam het ziekteproces sterker onderdrukt bij jongere patiënten, wordt toegeschreven aan het feit dat zij bij diagnose een acutere fase van de aandoening doormaken dan oudere patiënten. Daarom zou het nuttig zijn de studie verder uit te breiden naar jongere kinderen. Aangezien de vernietiging van betacellen grotendeels gebeurt nog voor het type 1-diabetes zich klinisch manifesteert, zou de nieuwe therapie het ontstaan van de aandoening zelfs mogelijk kunnen helpen voorkomen.

Bron: Persbericht VUB




Vlaamse Diabetes Vereniging vzw
Diabetes infolijn 0800 96 333
Contacteer ons